Wet Werk en Zekerheid per 1 juli 2014 deels van kracht!

De Wet Werk en Zekerheid (WWZ) komt eraan.

Het wetsvoorstel ligt bij de Eerste Kamer. Naar verwachting zal de formalisering niet lang meer op zich laten wachten. De belangrijkste wijzigingen, zoals die van het ontslagrecht, zullen per 1 juli 2015 ingaan. Voor een overzicht van de belangrijkste wijzigingen, wordt verwezen naar de publicatie ‘Wetsvoorstel Werk en Zekerheid’.

WWZ
De WWZ houdt ook voor “flexibele arbeid” wijzigingen in. Zo wordt per 1 juli 2015 de huidige zogeheten “ketenregeling” van 3x3x3 gewijzigd naar 3x2x6. Lees: voortaan maximaal drie tijdelijke contracten in een periode van twee jaar (in plaats van het huidige 3 jaar) met tussenpozen van zes maanden (in plaats van de huidige 3 maanden). Bij CAO kan beperkt hiervan worden afgeweken, maar niet van de tussenliggende periode van zes maanden. Eerder was beoogd door de regering deze wijziging van de ketenregeling per 1 juli 2014 door te voeren, maar dat is via een amendement naar 1 juli 2015 verplaatst. Let wel (!), dit geldt louter voor de wijziging van de “ketenreeks”, de overige “flexibele arbeid” wijzigingen gaan wel al per 1 juli 2014 in (zie hierna onder het kopje “wijzigingen per 1 juli 2014”). Deze nieuwe wetgeving omtrent de “ketenregeling” zal gelden voor alle contracten die worden gesloten op of na 1 juli 2015. Daarbij is overgangsrecht van kracht. Contracten afgesloten voorafgaand aan 1 juli 2015, zullen nog onder het huidige 3x3x3 systeem vallen en van rechtswege eindigen, ook al is deze datum na 1 juli 2015.

Wijzigingen per 1 juli 2014
Let op: enkele wijzigingen met betrekking tot “flexibele” arbeid gaan wel al in per 1 juli 2014, zo blijkt ook weer uit de memorie van antwoord van 2 mei 2014 van de Eerste Kamer. Het betreft de volgende wijzigingen die dus per 1 juli 2014 van kracht worden als het wetsvoorstel wordt aangenomen:

* PROEFTIJD: het is niet toegestaan nog langer een proeftijd overeen te komen in contracten korter dan 6 maanden;

* CONCURRENTIEBEDING: Een concurrentiebeding bij tijdelijke contracten is niet zonder meer geoorloofd. Zo wordt daarbij een schriftelijke motivering vereist, waaruit blijkt dat het “noodzakelijk is vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen”. Een werkgever dient bij het inroepen van een concurrentiebeding aan te kunnen tonen dat deze belangen op dat moment nog bestaan;

* AANZEGTERMIJN: Bij tijdelijke contracten van 6 maanden of langer dient men uiterlijk één maand voorafgaande aan de einddatum, de werknemer “aan te zeggen” of deze wel (onder melding van de voorwaarden) of niet wordt verlengd. Indien niet aan deze verplichting wordt voldaan is een maandsalaris verschuldigd; indien te laat, dan een vergoeding “naar rato”. De aanzegtermijn wordt verplicht voor de tijdelijke contracten – ook de lopende – die eindigen op of na 1 augustus 2014.

Tips:

– Zorg ervoor dat uw contracten per 1 juli 2014 zijn aangepast op voornoemde punten van proeftijd en concurrentiebedingen

– Zorg voor tijdige aanzeggingen en breng in beeld welke tijdelijke arbeidscontracten eindigen op of na 1 augustus 2014

– Breng de looptijd van uw tijdelijke contracten in beeld, zodat u bij eventuele verlengingen mogelijk nog gebruik kunt maken van de huidige (meer flexibele) ketenreeks wetgeving. Overgangsrecht biedt zoals gezegd deze mogelijkheid.

D.H. Oolbekkink
Arbeidsrecht
Mei 2014