Persoonlijke omstandigheden terug in ontslagvergoeding!

Werkgevers let op, de persoonlijke omstandigheden tellen mee bij een ontslagvergoeding! De Hoge Raad heeft onlangs bepaald dat de persoonlijke omstandigheden meetellen bij het bepalen van de totale hoogte van de ontslagvergoeding. Die kan daardoor veel hoger uitvallen. Het gaat hierbij om de inkleuring van de zogenaamde billijkheidsvergoeding. Deze kan naast de wettelijke transitievergoeding worden toegekend bij “ernstig verwijtbaar handelen of nalaten”. Daarvan is niet zomaar sprake, een werkgever moet het wel erg bont daarvoor hebben gemaakt.

De casus van de kapster

Een kapster te Bunschoten– Spakenburg werd na 25 jaar opeens ontslagen. Zonder legitieme reden. Daaraan voorafgaand had de kapsalon na een discussie over het opnemen van vakantiedagen eerst een exit voorstel gedaan zonder vergoeding (ook geen transitievergoeding). Nadat zij had geweigerd te vertrekken werd haar verboden om te knippen en kreeg zij zelfs schoonmaakwerk opgedragen. Een jaar later deed de kapsalon tevergeefs bij het UWV een ontslagaanvraag op bedrijfseconomische gronden. Na de afwijzing daarvan is het dienstverband zonder instemming opgezegd, omdat de kapsalon “er klaar mee was”. Daarbij is wel een transitievergoeding van bijna EUR 1.600 uitbetaald. De kapster heeft in het ontslag berust en in rechte een billijkheidsvergoeding gevorderd van bijna EUR 60.000. De kantonrechter heeft de billijkheidsvergoeding op (slechts) EUR 4.000 gesteld, zo ook het Hof. Daarbij werd door het Hof gesteld dat deze vergoeding een punitief (lees: afschrikwekkend) karakter moet hebben voor de werkgever.

De Hoge Raad heeft daarmee kort metten gemaakt en aangegeven dat het erom gaat wat billijk is voor een werknemer. Daarbij is bepaald dat alle gevolgen/ omstandigheden een rol spelen. Denk aan onder meer de duur van een dienstverband en de leeftijd van een werknemer. Ook het inkomen (en tevens het pensioen) dat de werknemer nog zou hebben kunnen ontvangen als er geen ontslag was geweest kunnen meespelen bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding.

Werkgevers let dus op! Een onterecht ontslag kan u alsnog duur komen te staan door deze gevolgen, die nu dus wel meetellen. In de lagere rechtspraak is nu al terug te zien dat kantonrechters met de Hoge Raad uitspraak in de hand overgaan tot hogere billijkheidsvergoedingen. Zo meende onder meer de kantonrechter te Roermond op 17 juli 2017 dat de voor de ontslagen (oudere) werknemer te verwachten (WW) periode van 3 jaar met een lager WW inkomen een rekenfactor kan zijn. Dat leidde tot een toegekende billijkheidsvergoeding van bijna EUR 45.000 naast de tevens toegekende transitievergoeding van EUR 30.000. Laat u bij een voorgenomen ontslag dus goed adviseren!

Lees HIER het arrest van de Hoge Raad, en HIER genoemde uitspraak van de kantonrechter te Roermond.

oktober 2017, Diederik Oolbekkink